Siham sprak met Bart De Wever

Een interview met de Antwerpse lijsttrekker voor de N-VA: Bart De Wever.

U  bent lid van de N-VA, waarom hebt u zich eigenlijk aangesloten bij deze partij?

“Het Vlaams-nationalisme werd me met de paplepel meegegeven. Er werd aan de keukentafel veel over politiek gepraat. Tegelijk werd ik ook kritisch opgevoed. Dat heeft mijn interesse gestuurd. Aan de universiteit legde ik me toe op de politieke geschiedenis van Vlaanderen. Ik had toen al wel enkele voorzichtige stappen gezet in de Volksunie, maar pas toen die partij uiteenviel, koos ik voluit voor de politiek. Ik wou de Vlaamse grondstroom vertalen in het programma van een moderne volkspartij. Dat houdt me tot op vandaag bezig.

Door die plotse overgang van de academische naar de politieke wereld staan er nog dozen vol archiefmateriaal voor onderzoek in mijn kelder. In het begin dacht ik wel gemakkelijk de overstap terug naar de universiteit te kunnen maken. Maar daar ben ik ondertussen van af gestapt. En het burgemeesterschap bevalt me uitstekend.”

Wat zijn de twee grootste uitdagingen in Antwerpen?

“De twee grootste uitdagingen waar ik graag werk van maak, zijn een properdere stad en talentontplooiing van onze jongeren om hen toe te leiden naar jobs.

De stad van morgen staat echt in de steigers. De volgende jaren gaan we onze stad zien veranderen. De Leien worden afgewerkt, de tram is doorgetrokken naar het noorden van de stad over het Eilandje, de spade steekt in de grond voor Oosterweel en de overkapping, en binnenkort krijgt de fiets- en wandelbrug over de Schelde vorm. Het nieuwe Antwerpen wordt groener en mooier.

Ik ben vast niet de enige die zich enorm stoort aan sluikstort en zwerfvuil. Er is iets mis met de mentaliteit van een kleine groep die het voor alle andere Antwerpenaren verpest door afval op straat te smijten. Van kleine zakjes huisvuil tot hele inboedels. Daar moeten we paal en perk aan stellen. Want de fierheid van Antwerpenaren over hun stad hangt ook samen met hoe proper onze stad is. Daarom zullen we de handhaving nog verstrengen. Er ligt een Antwerps voorstel klaar in het parlement om sluikstorters werkstraffen te geven. Wie vervuilt, moet maar rommel opkuisen. Zichtbaar, zodat iedereen hen kan zien.

De tweede uitdaging is de match tussen de arbeidsmarkt, waar vandaag duizenden jobs open staan, en onze jongeren. De schooluitval in Antwerpen daalt licht. Maar nog altijd verlaten te veel jongeren, vaak jongens, de schoolbanken zonder diploma. We moeten positief aan de slag gaan met onze jeugd. Ben je schoolmoe? Dan zullen we je toeleiden naar een specifieke job met praktijkervaring. Wil je je omscholen? Dan ondersteunen we je om een goede cursus te volgen. Enkel op die manier kunnen we onze welvaart van morgen veilig stellen.”

Wat zou u uit het huidig beleid in Antwerpen willen behouden moest u na 14 oktober in de coalitie zitten? En waar we moeten we echt van af? 

“We kunnen echt sterke troeven op tafel leggen. Onze economie doet het erg goed: er komen jobs en investeringen bij. Antwerpen wordt veiliger, is financieel gezond en de meest solidaire stad van Vlaanderen. Ik vind dus dat deze coalitie goed werk levert. Als er iets is waar we meer kracht uit moeten putten, dan is het ons vooruitgangsgeloof. We zijn dat wat kwijt geraakt. Er groeit een generatie op van jongeren die denken dat hun kinderen het minder goed gaan hebben dan zijzelf, hoewel alles wijst op het tegendeel. De technologische vooruitgang biedt ongelofelijk veel kansen. En die gaan vooral naar de steden. Dat zijn dé hotspots voor talent en innovatie. De 21ste eeuw wordt ontegensprekelijk een eeuw van de stad. En daar mogen we echt trots naar uitkijken.”

Naar wie kijkt u op en waarom? 

“Rotterdam en Antwerpen hebben heel veel gelijkenissen. Havensteden, ongeveer dezelfde grootte, een diverse bevolking,… Voor Ahmed Aboutaleb heb ik dan ook veel respect gekregen. We krijgen als burgemeester te maken met dezelfde problemen en steeds weer moet ik vaststellen dat we achter dezelfde oplossingen staan. We ontmoeten elkaar om de zoveel maand, en elke keer is dat een verrijking.”

Wat was uw beeld over de politiek toen u 18 jaar was? 

“Ik heb in mijn jonge jaren zoals vele tieners gedweept met alle mogelijke ideologieën. Ik heb daar een hele weg in afgelegd. Dat is gelukkig erg normaal. Moesten we alle politici vragen om te praten zoals ze dat op hun 18 jaar deden… Dat zou niet goed komen.”

Wat vindt/vond u het moeilijkst aan werken in de politiek? 

“Ik maak lange dagen, maar ik krijg daar ook een zeer degelijke verloning voor. Eigenlijk heb ik van mijn hobby mijn werk kunnen maken. En ik werk met plezier. Dan ben je als mens al behoorlijk gezegend.

De politiek is ook minder romantisch dan je zou denken. Grote beslissingen aankondigen of de restauratie van een erfgoedgebouw inhuldigen, neemt maar een heel klein deel van de agenda in beslag. Het grootste deel bestaat uit vergaderen en overleggen. Elke week zijn er vaste momenten waarop ik met de stadssecretaris en de korpsleiding samenzit. Daarnaast zijn er de collegezittingen, en maandelijks ook een gemeenteraad met daarvoor een raadscommissie over mijn bevoegdheden. Dat zijn allemaal bestuurlijke overlegmomenten. Die worden dagelijks aangevuld met allerlei verschillende mensen, verenigingen en bedrijven die willen praten. Dat doe je als burgemeester eigenlijk heel de dag door. Mensen leggen hun ideeën, bezorgdheden of problemen op tafel. En als je alles in overweging hebt genomen, neem je nadien die beslissingen waarvan je overtuigd bent dat ze de Antwerpenaar ten goede komen.

‘Moeilijk’ zou ik dat werk niet noemen. Mijn agenda is altijd gevuld, maar ik doe het enorm graag.”

Vindt u het makkelijk om (hechte) vriendschappen te vormen in de politiek of eerder moeilijk?

“Het toeval wil dat vele van mijn vrienden die ik op de universiteit of zelfs in het middelbaar leerde kennen ondertussen collega’s zijn. Ze zijn schepen, werken op een kabinet of voor de partij. Dat is het voordeel van bescheiden te beginnen. Iedereen kende iedereen. De N-VA is gesticht als een hechte club. Die sfeer blijft voor ons belangrijk, ook nu we 44.000 leden hebben. Doorheen de jaren heb ik ook respect gekregen voor sommige politici in andere partijen. Ik zou dat geen vriendschap noemen, maar het is wel waardering. Het zijn mensen die rechtlijnig zijn en met wie je een goed gesprek kan aangaan. Dan hoef je het niet eens te zijn; de menselijke band overheerst.

Mijn drukke agenda heeft mijn vriendenkring buiten de politiek voor een stuk ‘on hold’ gezet. Ik probeer oude vriendschappen te onderhouden, maar de tijd staat voor die mensen ook niet stil. De laatste jaren zijn er door onze kinderen wel goede contacten bijgekomen met ouders van medeleerlingen. We gaan bijvoorbeeld op reis met bevriende ouders.”

Wat is het ene ding dat u sowieso in uw leven bereikt wil hebben?

Ik denk dat elke ouder deze vraag gelijk zal beantwoorden: ik wil mijn kinderen gelukkig en gezond groot zien worden. Als zij het goed hebben en van hun leven maken wat ze er van willen, dan zal ik content zijn.”

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s